Hoofdstuk Achtendertig

Jackson

Het bos voelt niet goed.

Niet alleen stil. Fout. Alsof iets zijn adem inhoudt. Alsof de bomen luisteren. Alsof de sneeuw zelf herinnert wat hier is gebeurd.

We bewegen ons in een strakke lijn door de met rijp bedekte takken, de kou bijt in onze gezichten, handen en longen. De zon is op, maa...

Log in en ga verder met lezen