Hoofdstuk Vierentwintig

Cheyenne

Ik word wakker en ik tril al.

Niet van de kou of pijn, maar van iets veel diepers dat me nog niet heeft losgelaten. Het klampt zich aan me vast zoals paniek doet wanneer je lichaam niet gelooft dat het gevaar voorbij is, zelfs als je geest probeert te zeggen dat het wel zo is.

Het plafond ...

Log in en ga verder met lezen