Hoofdstuk 2 Amalie
‘Beweeg!’ beveelt Melissa me terwijl ze langs me heen stormt. Ze ging door de achterdeur naar buiten om in haar auto te stappen.
Ik was handdoeken en andere was aan het opvouwen aan de keukentafel. Ze had expres tegen me aangebeukt, zodat de was zou vallen. Ik slik een opmerking in terwijl ik me haast om de stapel handdoeken op te vangen die ik een paar momenten geleden al had opgevouwen.
‘Aanstellerige trut,’ snuift Beren in ons hoofd. ‘Zeg iets!’
‘Wat dan?’ eis ik terwijl ik de stapel handdoeken opraap. ‘Als ik dat doe, zullen ze het op Rosebud afreageren. En waarom, ze is toch al weg.’
‘Hoe durven ze!’ jankt Beren, woedend bij het idee dat iemand onze pup pijn zou doen.
‘Precies, ze weten dat ze ons niet echt kunnen kwetsen. We sluiten de pijn en het misbruik buiten, maar Rose,’ val ik boos stil terwijl ik naar de linnnenkast loop. Ik leg de handdoeken in de kast en probeer de deur niet dicht te slaan.
‘Tante,’ roept Rose vanaf de plek waar ze aan tafel zat. Ik zie hoe ze met haar ogen rondschiet, op zoek naar een dreiging. Rose noemt me alleen Tante als er anderen bij zijn. Als we alleen waren, noemde ze me nog steeds mama of mammie. Ze is bezig met een kleurboek dat een roedellid haar tijdens de laatste roedelbijeenkomst had gegeven. Ze had alle plaatjes al ingekleurd en tekende nu in de marges.
‘Ja, liefje?’ vraag ik terwijl ik terug naar de keuken loop.
‘Ik helpen?’ vraagt ze.
‘Natuurlijk, liefje,’ glimlach ik terwijl ik haar uit haar stoel optil. Ik zet haar op het aanrecht neer. Ik geef haar de handdoek die in de war was geraakt en ze probeert hem te vouwen.
Rose glimlacht, haar glimlach was zo groot terwijl ze de handdoek teruggeeft. ‘Ik helpen, ik helpen.’
‘Ja, Rosebud, jij gaat helpen,’ glimlach ik terwijl ze naar me opkijkt. ‘Wat dacht je van koekjes en een rundstoofpot?’ vraag ik terwijl ik haar op een ander deel van het aanrecht zet.
‘Stoof?’ vraagt Rose terwijl ze het woord uitprobeert.
‘Stoof,’ glimlach ik terwijl ik haar kietel. ‘Eerst die handjes wassen.’ Ik help Rose haar handen te wassen terwijl ze blijft zingen over helpen.
‘Geen rundstoofpot!’ gilt Marie terwijl ze de keuken binnenkomt. ‘Haal dat van het aanrecht.’
Ik moet Beren met moeite ervan weerhouden te grommen wanneer Marie, mijn moeder, onze pup beledigde.
Rose kruipt ineen tegen me aan door de harde geluiden. Ze heeft een jaar geleden al geleerd om niet te huilen in het bijzijn van haar familie als ik niet de enige was. Mijn Rosebud was een slim meisje en wist dat niemand behalve ik van haar houdt en om haar geeft.
‘Ik wil kip Alfredo,’ beveelt ze.
Ik probeer niet te zuchten, echt waar, maar er ontsnapt er toch een terwijl ik zeg: ‘We hebben geen kip, geen room en niet de benodigde kazen.’
‘Praat niet tegen me terug,’ beveelt Marie terwijl ze me een klap in mijn gezicht geeft.
Rose zit beschut achter me, dus ze ziet niet dat ik geslagen word. Maar ze hoorde de klap. ‘Ik vind rund lekker,’ fluistert ze.
Mijn moeder zucht en stormt weg.
Ik draai me om en omhels mijn pup. Ik fluister: ‘Ga kleuren.’
Met tranen in haar ogen knikt ze. Ze wil niet meer helpen.
Ik ga aan het werk met het avondeten.
‘We zouden ze moeten doden,’ gromt Beren terwijl we Rose zien zitten, met tranen in haar ogen.
‘We kunnen niet,’ grom ik terug. We kunnen niet. Niet dat we het niet zouden kúnnen, maar we kúnnen niet. Als we onze ouders doden, zouden we volgens de roedelwet gedood worden. En als er dan iets met mij, mijn ouders en mijn zus gebeurt, zou Rose naar mijn oom gaan. Dezelfde oom die jaren geleden geprobeerd had me te verkrachten. Ik heb geen idee waar hij nu woont, nu ik hem al jaren niet heb gezien. Dus nee, ik kan mijn ouders en zus niet doden. Ik zal de pijn en het verdriet doorstaan om Rose veilig te houden. Ik zal altijd de pijn op me nemen om Rose veilig te houden. ‘Ik moet eten maken,’ grom ik terwijl ik de verbinding tussen ons tweeën verbreek.
Ik ga aan het werk en maak runderstoofpot zoals ik van plan was. Het kan me niet schelen wat mijn moeder zei dat ze wilde. Maar ik heb de spullen niet die nodig zijn voor kip Alfredo. De hele tijd tegen mezelf grommend bereid ik de maaltijd. Terwijl de stoofpot pruttelt, haal ik wat ik nodig heb voor biscuits. Mijn gegrom wordt harder wanneer ik ontdek dat de bloem op is. Ik had niet door dat ik de laatste had gebruikt toen ik de roux voor de stoofpot maakte.
“Mam?” fluistert Rose terwijl ze van haar stoel glijdt en naar me toe loopt.
“Het gaat wel, liefje,” antwoord ik terwijl ik mijn armen om haar heen sla.
Het enige wat mijn moeder meer haat dan mij, is mij wanneer ik zeg dat ik iets ga maken en het dan niet doe. Het was niet mijn schuld dat mijn vader zich lam zoop aan alcohol die met wolfsbane was aangelengd, dat mijn moeder gokte, en dat mijn zus de rest van het geld uitgaf aan shoppen om indruk te maken op anderen. Drie ondeugden en ik moest het met bijna niets zien te redden. Het was niet alsof ik een baan kon nemen en geld verdienen. Ik moest thuis blijven en mocht niet gezien worden.
“Het gaat wel,” zeg ik terwijl ik mijn gezicht in haar blonde krullen begraaf. “Ben je klaar?” vraag ik, terwijl ik probeer ons allebei af te leiden.
Ze staat op het punt te antwoorden wanneer mijn vader de keuken binnenstormt. Hij stinkt naar goedkope whiskey. “Stoofpot,” sneert hij naar me, ineengedoken op de vloer met mijn pup.
“Het is alles wat we hadden,” mompel ik terwijl ik mijn ogen neergeslagen houd. Mijn vader haat het wanneer ik hem tegenspreek.
“Nutteloos,” gromt hij naar me. Thomas wilde me slaan toen Melissa terug de keuken in kwam rennen.
Ik ben verbaasd dat ze zo snel terug was nadat ze pas een uur geleden weg was gegaan. Normaal zou ze uren wegblijven. Op dit moment ga ik niet klagen. Ze heeft mijn vader ervan weerhouden me te slaan. Was dat onbedoeld, ja. Was ik toch dankbaar, ook ja.
“Papa! Ik heb een nieuwe jurk nodig. De tweeling wordt volgende week drieëntwintig!” gilt Melissa opgewonden.
“Wat?” vraagt hij op verwarde toon. De aangelengde whiskey die hij had gedronken liet hem niet erg snel verbanden leggen.
Melissa begint te ratelen over haar vriendinnen en hoe een aantal van hen had gezegd dat ze van plan waren een uitverkoren partner als Luna te nemen.
Ik schenk haar weinig aandacht terwijl ik probeer mezelf en Rose richting de kelderdeur te schuiven.
“Goed, we gaan een verdomde jurk voor je halen. Alleen omdat we uit eten moeten,” zegt Thomas terwijl hij me een boze blik toewerpt. “Marie! We gaan uit eten.”
“Godin zij dank. Ik wil kip Alfredo,” jammert ze als een tiener. Soms vraag ik me af waarom mijn moeder jonger deed dan haar twee kinderen.
“Ik wil dat dit hier schoon is als we thuiskomen,” schreeuwt Thomas. Hij slaat tegen de steel van de pan en laat die naar achteren over het fornuis schuiven, waardoor stoofpot over het fornuis klotst.
